Uitwisseling Caen → Reisverslag Amelie Bernzen
Lees de vertaling
Lees het orgineel (Engels)
Open deuren – de muzikale ontsnapping van het VU-koor naar Normandië
De eerste open deur was die van de bus die ons allemaal naar Caen zou brengen, bestemming van de concertreis van dit jaar. Geen klachten over het vroege uur van vertrek, kwart voor zeven ’s ochtends, maar desalniettemin heerste er grote tevredenheid over de Royal Class busstoelen met genoeg beenruimte om nog wat uurtjes slaap in te halen. Voor we het wisten, arriveerden we in Caen. Toen we de trappen van de Eglise Reformée de France op liepen, opende deur nummer twee en onze dirigent Sam stapte lachend naar buiten om ons te begroeten en naar binnen te leiden. Laatste kans om nog snel wat noodgeval-Frans op te frissen, voordat onze gastheren en -vrouwen van het Choeur et Orchestre de l’Université de Caen Basse Normandie ons officieel kwamen verwelkomen. Tussen repetitie en concert was er zelfs nog een gestolen uurtje om het noodzakelijke aandenken voor thuis in de vorm van wijn, kaas en chocolade te kopen.
Ons Franse gastkoor bracht enkele indrukwekkende a capella liederen ten gehore (uit het hoofd!) waarna de beurt aan ons was met een enthousiast Prokofjev en Rutter, begeleid door pianist Hans op een elektrisch pianootje, dat vocht om te klinken als een concertvleugel. Een oplettende bezoeker in het publiek merkte achteraf op: “De Fransen weten hoe ze netjes op moeten komen, de Nederlanders weten hoe ze moeten zingen.” Ieder zijn mening… Na een glaasje of twee in een van de vele bars die Caen rijk is, vertrokken we elk naar onze eigen volgende open deur: onze gastgezinnen! Zoveel geweldige gastvrijheid, zoveel warme, ruimhartige mensen!
Verfrist en uitgerust, dag nummer twee! Vergezeld door twee Franse vrienden vertrokken we naar het middeleeuwse Bayeux met zijn beroemde oude tapijt dat, meter na meter, in prachtig geborduurde plaatjes het verhaal van koningen en schurken vertelt. Een wandeling door het charmante (en toeristische) stadscentrum en een consumptie van onze overlevingspakketten (in schattige kleine plasticzakjes door de Fransen klaargemaakt) later, voerde de tocht verder naar de kust: de legendarische D-Day stranden, waar de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog de invasie en de bevrijding van bezet Europa begonnen. Volgens enkele van de dapperste koorleden kon het water warm genoemd worden. Ik heb het niet geprobeerd…
De volgende open deur was die van een klein plattelandskerkje en was geblokkeerd door een ladder. Tot we de zij-ingang ontdekten. Longues-sur-Mer kan trots zijn op haar rustieke, betoverende Godshuisje, in de heuvels gevlijd en omringd door een kerkhofje van onvoorstelbare ouderdom… Voor een volle zaal voerden wij nogmaals ons programma uit. Net als het eerste concert was het ‘magnifiek’, maar (quote van Sam) ‘magnifiek op een andere manier’ (wat hij daarmee ook moge bedoelen…). Goed genoeg in ieder geval om trots te zijn op onszelf en te genieten van de beloning die ons na het concert wachtte in de feestzaal van het dorp: een groot buffet met vlees en kaas in Normandische stijl, couscous en aardappelsalade. Zelf gemaakt door de oude dorpsvrouwtjes die ons verzorgden als een herder zijn schapen.
Onze laatste dag bood verrassende culturele mogelijkheden: een rondleiding met een gids (in het Engels, gelukkig!) door de Abbaye des Hommes, de abdij voor de mannen, in Caen (de vrouwen waren voor het goede fatsoen een aantal kilometer verderop ondergebracht, een noodzaak in de dagen van weleer). Een volgende wandeling, over de markt, deed het water in menig mond lopen en maakte oogjes aan het schitteren. Teveel lekker eten om uit te kiezen… teveel verleidingen. Weinigen konden weerstand bieden aan de echte Franse crêpes, een of meer.
Vlak voor vertrek werden op speciaal verzoek de deuren van het universiteitsgebouw geopend voor een last-minute… nou ja, om een menselijke drang te verlichten. Zo kon iedereen stil staan voor de fotosessie die volgde. Het is jammer dat je groepsfoto’s niet kunt horen zingen, je zou verrukt zijn bij de klanken van die beroemde Franse chanson Aux Champs Elysées.
De weg op, daar gaan we weer, terug naar huis met mooie herinneringen, nieuwe contacten, wat meer indrukken en voorstellingen van la vie fançaise. Frankrijk, België, Nederland… en terug naar Amstelveen. Inclusief entertainment natuurlijk; naast de geliefde Sex and the City afleveringen ook het levendig voorgelezen verhaal van Canterbury Tales, dat ons allemaal in de stemming bracht voor alweer het volgende muzikale project: The Nun’s Priest’s Tale.
Viens chez nous, les amis! Et merci pour tout! We verheugen ons erop, dit najaar weer met onze nieuwe Franse vrienden te zingen tijdens hun tegenbezoek aan ons in Amsterdam. Dit keer openen wij onze deuren voor hen. Encore!
Voor het VU-koor: Amelie Bernzen
Vertaling: Rianne Mus
Open Doors: VU-koor’s musical escape to the Normandy
Open door number one was the door of the coach that was to take us all to Caen, destination for this year’s concert journey. No complaints despite the early departure at 6.45am, but much appreciated all the same the bus’ luxury class seats with extra leg room for that extra hour sleep.
We reached Caen in seemingly no time. As we ascended the steps of the Eglise Réformée de France, door number two opened and our smiling conductor Sam stepped out to greet us and usher us inside. Last chance to freshen up some emergency French vocabulary, before our hosts (members of “Choeur et Orchestre de l’Université de Caen Basse Normandie”) were to officially welcome us. There was even time to buy that little gift for home in shape of wine, cheese and chocolate after our rehearsal, before the concert. Our French hosts performed some impressive (off-by-heart) a capella tunes, then we gave our best with Prokovjev and Rutter, accompanied by Hans on the electrical piano, which was doing its best to sound grand. An observant member of the audience later commented: The French know how to orderly walk on and off stage, and the Dutch know how to sing. Each his own judgement… After a drink or two at one of Caen’s bars, we departed to our respective open doors part three: our host’s homes! So much wonderful hospitality, so many warm, generous people!
In fresh spirits, day number two! Accompanied by two French friends, we headed off to medieval Bayeux, home of the famous ancient tapestry that, along many a metre, tells us the story of kings and villains in beautiful embroidered pictures. A stroll through the charming (and touristy) city centre and consumption of our “survival lunch kit”(in pretty little white plastic bags), then further to the coast, to the legendary site of D-Day where the allies once upon a day fell into the country during the second world war. According to some of the more daring members of our group, the water was defined as “warm”. I didn’t try…
The next open door was that of a small countryside village church and blocked by a ladder. Until we discovered the side entrance. Longues-sur-Mer can be proud of their quaint, charming little house of God which is nestled into the hills and surrounded by a cemetery of which you wouldn’t guess the age... In front of a full house we performed our programme once again. Like the first concert, it was “superb” (quote Sam), but “superb in a different way” (whatever that means). Anyway, good enough to be proud of ourselves and enjoy the reward that was awaiting us afterwards in the village’s community hall: a big buffet with meats and cheese and (French? Or Moroccan? Or German?) couscous and potato salad. But! Home made, by the local ladies that took care of us like a shepherd of his herd of sheep.
Our final day offered us surprising cultural opportunities: a guided tour (in English, luckily) through Caen’s monastery “of the men” (ladies were accommodated a few kilometres away, as decency required in those days begone). Another stroll, across the market, made many eyes shine and mouths water. Too much good food to choose from... too many temptations. Few could resist the “real French crêpes”, many went for seconds.
Just before departure, the doors of the university building were opened upon special request for a last-minute trip to the... well, to find relief to a human urge. That way, none minded the photo session that followed. Pity you can’t hear group photos singing, otherwise you would have been delighted at the sounds of the good old famous French chanson “Aux Champs Elysées”.
On the road again, back we go, with good memories, new contacts, a few more ideas of la vie fançaise. France, Belgium, Holland... back to Amstelveen. Entertainment included, of course. Besides the much-loved Sex and the City episodes, a lively recital of the Canterbury Tales tuned us all in for our next musical project: The Nun’s Priest’s Tale.
Viens chez nous, les amis! Et merci pour tout! We are looking forward to singing with our new French friends this autumn during their return visit to Amsterdam. Opening our doors for them this time. Encore!
For the VU-koor: Amelie Bernzen